woensdag 25 februari 2009

Bertolt Brecht in Deventer

Deventer staat tot en met vandaag, woensdag 25 februari, in het teken van Bertolt Brecht .

"Van vrijdag 20 tot en met woensdag 25 februari 2009 vindt voor de tweede maal het Brechtfestival Deventer plaats en zal hij weer verschijnen in theater- en muziekvoorstellingen, in films en lezingen. Op verschillende plaatsen in de stad kan men de werken van deze grootmeester van het episch theater en diens tijdgenoten opnieuw beleven. In het programma vindt u klinkende namen, zoals Mieke Stemerdink (bekend van ‘De Gigantjes’), het Willem Breuker Kollektief en Cox Habbema. Er is een lezing over Bauhaus in voorbereiding, een projectkoor zal stukken uit Die Mutter zingen en meerdere toneelgezelschappen zullen hun opwachting maken.
Theaterstukken en liederen van Brecht zetten mensen aan het denken. Brecht had een hekel aan theater, waarbij de
mensen, samen met hun jassen en hoeden, hun hersens in de garderobe konden achterlaten. Het is een heroriëntatie op normen en de waarden. In de tijd waarin plat vermaak hoogtij viert en de samenleving op veel vlakken in beroering is, is het Brechttheater een bron van inspiratie."


Ooit op de middelbare school voor het vak Duits hoorde ik van Brecht en las ik het boek Mutter Courage und ihre Kinder. Ik las het voor de lijst en dus met enige tegenzin. Toch is het boek me altijd bij gebleven; de moeder die het zaken doen regelmatig boven het belang van haar kinderen plaatste.

Nu na al die jaren en dankzij dit festival is mijn belangstelling voor Brecht weer aangewakkerd.
In De Kleine Keizerin in de bibliotheek Deventer werd de film Die Driegroschenoper vertoond. Het was er druk en we konden nog net een plekje krijgen.

Ik heb van deze film genoten. Het verhaal gaat over liefde en verraad in het laat Victoriaanse Londen. De film brengt gewone mensen in beeld, in een wereld die is ingedeeld in arm en rijk. De strijd tussen groeperingen komt vlammend aan bod.
Wat ik ook leuk vond om te zien is dat Polly, de vrouw van de bandiet Mackie Messer, eerst hoog opziet tegen haar man en maar al te graag zijn liefje wil zijn. Zodra hij moet vluchten en in de gevangenis terechtkomt, moet ze zich ineens alleen handhaven in een mannenwereld. En dat lukt haar uitstekend!

Daarnaast bevat de film prachtige muziek van Kurt Weill

zaterdag 14 februari 2009

Blogkermis; nadenken over het nut en noodzaak van klassieke media

Op de valreep heb ik toch nog maar besloten mijn bijdrage te leveren aan de blogkermis van Scribbles. Aan de ene kant waren er al zoveel mooie bijdragen voorbij gekomen en ik dacht: "wat voor nuttigs kan ik daar nog aan toevoegen?"
Maar aan de andere kant: ik heb zelf te maken met twee kinderen, beiden op de middelbare school en beslist behorende tot de doelgroep waar Scribbles over schrijft. Zowel als ouder en als bibliothecaris was het onderwerp van deze kermis dus buitengewoon interessant voor mij.

Niet alleen leerlingen maken niet of nauwelijks gebruik van de klassieke media. Als we kijken naar het gebruik van de collectie in een openbare bibliotheek zien we dat met name de non-fictie collectie geen hoog uitleenpercentage heeft. Voor de realisering van het winkelconcept in bibliotheek Enter was het nodig flink te saneren. Toen we keken naar de gebruiksfactor(procentuele verhouding uitleningen-bezit) van bepaalde collectie-onderdelen, bleek (niet verrassend) de non-fictie collectie bij zowel de jeugd als volwassenen het minst goed te scoren. Niet alleen kinderen en jongeren gebruiken de klassieke media niet meer, blijkbaar geldt dit ook voor volwassenen. Volgens het CBS gebruiken 95 procent van de mensen, die internetten in Nederland, een zoekmachine om informatie te vinden. Grepen ze voorheen een naslagwerk of ander boek, nu vinden ze de informatie op het World Wide Web.

Mijn beide kinderen (havo/vwo) gebruiken net zoals vele andere klasgenoten bij het maken van hun werkstukken inderdaad voornamelijk het internet. Als ik het vergelijk met vroeger, hoe ik mijn werkstukken moest voorbereiden, ben ik best "jaloers" op ze. Ik kan me herinneren dat ik ooit een werkstuk over de piano wilde maken. Ik speelde zelf met plezier piano en het leek me leuk om daar wat over te schrijven. Maar ik haakte snel af, want ik had niet voldoende stof voor een werkstuk. Ik kwam niet veel verder dan informatie uit een muziekencyclopedie, wat plaatjes uit tijdschriften en wat informatie over mijn eigen ervaringen. De medewerker van de bibliotheek attendeerde me ook niet op mogelijkheden als IBL.
Dus ik nam een ander onderwerp (weet niet eens meer waarover), waar ik helemaal niet achter stond. Jammer!
En dan observeer ik nu mijn dochter, die gitaar speelt. De mogelijkheden zijn onbeperkt op dat internet. Van Digischool , Ultimate Guitar, tot YouTube, ze vindt voldoende informatie om een (digitaal) werkstuk te maken. Ze vindt het zichtbaar leuk om dit voor school te doen en ik? Ik geniet met haar mee!

Internet is dus een belangrijke informatiebron, maar niet de enige in het dagelijkse leven van mijn kinderen. Ze lezen ook informatieve tijdschriften, als Kijk en Quest en kijken naast al het amusement ook naar programma's als Planet Earth op Discovery Channel.
Ik ben ervan overtuigd dat ze, ook zonder die schriftelijke klassieke media, de informatie krijgen, die ze nodig hebben.
Bovendien komen dankzij samenwerking tussen bibliotheekpartners en Google Books ook steeds meer klassieke media via het internet beschikbaar. Zodat de drempel ook voor scholieren lager wordt om met deze media in aanraking te komen.
Misschien moet ik me toch nog eens wagen aan een werkstuk over de piano?

Scribbles zegt het volgende:
"Er doen zich dus twee problemen voor:
1. leerlingen zijn niet alleen te lui - te verwend wellicht - om nog de moeite te nemen zich in die klassieke media te verdiepen, maar
2. ze weten ook niet meer dat die bestaan."

Ik zou dit (uit de ervaringen die ik heb met mijn eigen kinderen en andere scholieren uit hun omgeving) anders willen zeggen:
Leerlingen weten wel dat klassieke media bestaan, maar omdat ze het idee hebben dat alles op internet staat, grijpen ze niet meer naar de klassiekers. Ze gaan naar mijn idee heel serieus om met de opdrachten die ze krijgen en ik zou ze zeker niet lui of verwend willen noemen. Met een digitaal werkstuk kun je heel druk zijn.
Het is gewoon een totaal andere manier van werken en daar moeten wij, de generatie, die alleen opgegroeid is met die klassieke werken, waarschijnlijk enorm aan wennen.

Ook zegt Scribbles: "En de stelling hoe populairder, hoe betrouwbaarder gaat voor het internet helaas niet op."
Toen ik mijn kinderen daarover aan de tand voelde, bleek inderdaad dat deze stelling ook op hen van toepassing is. Mijn dochter gaat voornamelijk op haar gevoel af als ze informatie van het internet gebruikt. Toen ik doorvroeg, bleek dat ze nog wel checkt of er bronnen op de betreffende site worden genoemd.
Wordt er dan aandacht op school besteed aan het beoordelen van informatie op internet? Nee, dat blijkt dus niet zo te zijn. De docent geeft aan dat ze internet mogen gebruiken en het advies dat ze meekrijgen is om vooral niet te knippen en te plakken. De informatie moet in hun eigen woorden worden verwerkt.
Het zou dus inderdaad nuttig zijn (zoals Wow!ter en Essen2punt0 al opmerkten) om niet alleen leerlingen, maar zeer zeker ook docenten te laten speuren met de Webdetective.

Scholieren mogen dan misschien niet kritisch te werk gaan, bij het beoordelen van de informatie, maar dat valt te leren, toch?
Want:



En dan nu de spiegel?
Wat gezonde maaltijden en pizza's betreft: ik ben opgegroeid met een eetcultuur waarbinnen het belangrijk was om elke dag een verse maaltijd op tafel neer te zetten. Dat doe ik dus nog steeds. Het scheelt ook dat we niet op loopafstand van een supermarkt of snackbar wonen. Daardoor is de verleiding ook niet groot om een patatje te halen. Bovendien eten mijn kinderen liever gado-gado dan patat of pizza.
Maar: hoe zit het met mijn eigen kritische houding en onderzoekend vermogen?
Ja, ik behoor ook tot het bovenstaande percentage Nederlanders, dat informatie steeds meer op internet zoekt en ook vindt. Afhankelijk van het soort informatie ben ik wel of niet kritisch. Gaat het om een recept, ach, dan is het niet zo erg dat het mislukt omdat misschien de aangegeven verhoudingen niet kloppen. Gaat het om medische informatie, ja, dan kijk ik van wie de informatie afkomstig is.
Desalniettemin lijkt het me sowieso nuttig om die Webdetective zelf weer eens te doen!

En als toetje trakteer ik mezelf nu op een lekkere suikerspin!

zondag 8 februari 2009

Selamat Tinggal bij LibraryThing

Een tijdje geleden nam ik mij eens voor meer met LibraryThing te gaan doen. Vanwege de tijd die in ons bieblog is gaan zitten, kwam het er even niet van.
Vandaag lukte het me eindelijk een eigen groep binnen LibraryThing op te richten. Selamat Tinggal, waar we van gedachten kunnen wisselen over Nederlands-Indische literatuur. Selamat Tinggal betekent prettig verblijf en dat is ook de bedoeling; de toekomstige leden van Selamat Tinggal moeten zich prettig gaan voelen in deze groep.

Ik behoor tot de tweede generatie Indo's. De generatie, die zich snel heeft geintegreerd in de Nederlandse samenleving. Een generatie, die aan de ene kant is opgegroeid met geheimen, die zich in het verleden hebben afgespeeld. Geheimen die voornamelijk met de oorlog te maken hadden en met het leed, dat zich in het Jappenkamp had afgespeeld. Hierover werd gezwegen, de tweede generatie mocht er niet mee opgezadeld worden. Maar aan de andere kant kregen we toch onbewust veel dingen mee uit die Indische cultuur. Al die heerlijke Indische gerechten, de gastvrijheid en daarom altijd veel te veel eten klaarmaken. Daarnaast was er natuurlijk de taal. We spraken alleen Nederlands, maar net zoals in zoveel andere Indische gezinnen doorspekt met allerlei woorden uit het Maleis. De woorden Selamat Datang(welkom), Selamat Tidur(welterusten), Selamat Makan(eet smakelijk), Selamat Tinggal(prettig verblijf) kwamen ook in het vocabulaire van mijn ouders voor. Het woord Selamat had iets vertrouwds voor me, ik voelde me prettig bij dat woord Selamat. Het deed me altijd denken aan heerlijke geuren, aan lekker eten, aan lieve mensen; kortom het hoorde bij het land van mijn ouders, mijn geboorteland.

Het boek Benjamins bruid van Yvonne Keuls gaat ook over een Indische familie.
Het volgende fragment deed me onmiddellijk aan de keuken van mijn moeder denken:
"Ook Soefie had haar eigen plek in het huis: de keuken. Het kostte haar nauwelijks een dag om die naar haar hand te zetten. Rijststomers, wadjans, ovenschalen, potten met geblakerde houten lepels, stopflessen met kruiden, een dienblad met felgekleurde Indische "stroopjes" en manden met uien, eieren en groenten stonden rommelig op het aanrecht verspreid. Over de keukentafel lag een bruingele sarong. Aan de muren had Soefie waaiers geprikt en prenten uit het oude Indie. Prenten met in nevels gehulde bergen erop, sawa's, karbouwen voor een kar en roodbloeiende bomen. Wajangpoppen stonden voor de ramen, hun ijle handjes omhoog geheven, alsof ze bezig waren de opdringerige geur van trassi en knoflook van zich af te wapperen. Indie was volop aanwezig in die grote oer-Hollandse keuken, waar zelfs ruimte was voor Soefies rotan zitje."

Lezen over Indonesie, Indische literatuur, het voelt voor mij als herkenning aan, als thuiskomen. Vandaar Selamat Tinggal.



Ik hoop dat ik gelijkgestemden vind, die met mij van gedachten willen wisselen over Nederlands-Indische literatuur. Er zijn al vele soorten Indo groepen actief op het Web, dus daarbinnen ga ik Selamat Tinggal promoten.

zondag 4 januari 2009

Bieblog Wierden-Enter in de lucht

Zo, vandaag heb ik eens mijn blog een beetje opgeruimd, de labels zodanig opgeschoond dat die lange rij rechts wat korter is geworden. Ik heb gemerkt dat veel bezoekers van mijn blog via treffers in Google bij mijn blog terechtkomen.
Ik had geen goede statistiek, heb nu een betere teller toegevoegd, maar wat mij opvalt is dat de post over podcasten nog steeds veel wordt bezocht.

Ik blijf mijn blog wel bijhouden, al zal ik minder frequent publiceren dan voorheen.
De reden daarvan is o.a. dat sinds 1 januari ons bieblog Wierden-Enter in de lucht is. En hebben we die 23 dingen niet in de eerste plaats voor de bibliotheek gedaan?
Dus mijn tijd en energie zal ik daar de komende tijd, samen met mijn collega's, in steken. Want als je 23 dingen hebt gedaan, weet je, dat het niet alleen maar schrijven is, maar ook fotograferen, filmpjes maken, de hyves bijhouden en nog veel meer is. Om dat voor twee blogs fanatiek te blijven doen, ik weet niet of me dat lukt. Ik heb bewondering voor collega's, die naast hun werk, wekelijks hun blog volpennen met allerlei interessant nieuws. Ik zou het ook heel graag willen, maar met een gezin, een baan en hobbies, red ik dat doodeenvoudig niet. En bloggen voor de bibliotheek gebeurt voornamelijk nog in eigen tijd.
Ik was wel benieuwd hoe andere collega's in het land daarmee omgaan. Doen zij veel voor hun bibliotheek in hun vrije tijd, vinden ze dat logisch of houden zij werk en prive volledig gescheiden? Ik wilde een oproep op Bibliotheek 2.0 zetten, maar zag dat ik niet de enige was, die met dit vraagstuk zat.

Bibliotheek 2.0 heb ik nu echt ontdekt. Ik probeer mee te doen met discussies en overweeg om naar een Bibliotheek 2.0 meeting te gaan op zaterdag 17 januari a.s. in Utrecht.
Een manier om meer mensen achter Bibliotheek 2.0 te leren kennen. Wie gaat er met me mee?



Ja en nu dus een bibliotheekblog oftewel afgekort Bieblog.

Met deze blog zijn we er natuurlijk nog niet, nu nog in de markt zetten: We gaan dat als volgt aanpakken:



  • vragen of onze webmaster een link op onze website zet.

  • promoten via de bieb Hyves.

  • een mail sturen naar onze bezoekers, die regelmatig aanwezig zijn tijdens onze literaire en culturele avonden. (we hebben van al deze bezoekers hun mailadres, ook
    de pers is hierin opgenomen).

  • bij de gemeente onder de aandacht brengen. Onze wethouder wordt uitgebreid genoemd in de tweede post van onze bieblog. We vragen hem vriendelijk of hij reclame wilt maken voor onze blog.

  • in het land bekendmaken via nlbiblioblogs.

  • in mijn profiel op bibliotheek 2.0 zetten.

Andere ideeen zijn natuurlijk welkom!!!

maandag 15 december 2008

Bibliotheek Enter: onze "winkel" is weer open!

Vandaag zijn we na 1 week hard werken weer opengegaan voor het publiek.
De reacties waren overwegend positief. Natuurlijk is het wennen voor de klant. Maar ook voor ons, alles wat ons vertrouwd was, hebben we los moeten laten.

De bibliotheek in Enter is ingericht in vijf werelden, met veel frontale plaatsing in de kasten en display tafels door de hele bibliotheek heen. Frontale plaatsing en displayen hebben als doel de klant te verrassen en verleiden.
Daarbij moeten we leren ons product "het boek" beter te verkopen. Dat betekent veel rondlopen en lege schappen bijvullen. Ook lege display tafels kunnen niet, volle tafels verkopen!
We hebben vanmorgen geleerd dat je een plank met frontaal geplaatste titels moet vullen met boeken, die de klant in een oogopslag duidelijk maken welk onderwerp hij in die kast kan vinden. Dus heb je een kast met oorlogsromans, dan vul je de display met boekenkaften waarop een tank, een militair of gevechtsvliegtuig staat.

Het loslaten van het vertrouwde begon al toen we namen voor onze vijf werelden moesten bedenken. Dus geen informatieve- of studieboeken, maar Vraag en Antwoord als naam voor een wereld. Kreten, die de klant meteen moeten vertellen, wat hij er kan vinden!
Elke wereld heeft een kleur uit ons logo.
Naast de wereld Vraag en Antwoord zijn er:
- Peuters en Kleuters; prentenboeken en informatieve boeken (AJ)
- Boys en Girls; boeken voor kinderen vanaf 6 jaar
- Romantiek en Waargebeurd: familie- en streekromans,
- romantische boeken, chicklits, waargebeurde verhalen en grootletterboeken.
- Spannend en Serieus: detectives, thrillers, oorlogsromans,
- science fiction, psychologische romans en literatuur.

Daarnaast zijn er natuurlijk de dvd's, luisterboeken en tijdschriften. Op onderstaande foto met Mosaic samengesteld (geleerd met 23 Dingen) kun je de oude (links) en de nieuwe bibliotheek Enter met elkaar vergelijken. Om de belettering te kunnen aanbrengen, zijn witte platen voor de ramen aangebracht. Dat lijkt zonde van het daglicht, maar met kunstlicht kun je je product zo belichten dat het altijd goed opvalt. Je bent niet langer meer afhankelijk van het weer buiten. Ga maar eens naar de supermarkt, daar wordt ook geen rekening gehouden met het daglicht buiten.



De rest van de foto's staan op Picasa Webalbum!
Bibliotheek Enter als boekhandel


En natuurlijk ben je welkom tijdens onze officiele opening door wethouder Theo de Putter, donderdag 18 december om 16.00 uur. We schenken die dag Glühwein!

zondag 14 december 2008

Blogkermis; van professioneel consument naar producent

Tussen de drukke werkzaamheden tijdens de herinrichting in Enter moest ik vaak aan de blogkermis denken. Misschien ook logisch, als het om je heen een kermis is van boeken, die her en der verspreid liggen, mensen die in en uit lopen en allerlei dingen die mis gaan. (Gelukkig gingen er ook dingen goed!)
Voor de herinrichting was niet een hele grote pot geld beschikbaar, waardoor we een aantal dingen zelf moesten doen. Ik vind het helemaal niet erg om de handen uit de mouwen te steken, maar het is wel: ieder zijn vak!
Toen ik de meneer met de belettering bezig zag, dacht ik, het is toch maar goed dat zoiets door een professional wordt gedaan en dat we het niet zelf hoeven op te plakken.

Schoenmaker blijf bij je leest!

Vind ik dus dat we als bibliotheek bij ons oude vak moeten blijven: dus alleen bij onze vertrouwde inhoud? Als ik hier het antwoord ja op zou geven, hadden natuurlijk die 23 Dingen geen enkele zin gehad. Maar ga ik nu het antwoord nee geven, omdat men dat van mij verwacht?

Om het antwoord te geven op de vraag van Van Essen2punt0, wil ik proberen zo dicht mogelijk bij mezelf te blijven en bij de omgeving waarin ik werk. Dan krijg ik voor mezelf hopelijk een duidelijk antwoord en hoop ik dat Essen2punt0 het toch kan verwerken in haar uiteindelijke blog over dit thema.

Als ik momenteel aan mijn eigen werk denk, denk ik in de eerste plaats aan onze klant. En die klant leest nog wel, maar kan zijn product ook elders vinden. Met onze concurrent de boekhandel gaat het nog steeds goed! Ik zie het aan een van onze plaatselijke boekhandels in ons dorp. Het ging zo goed, dat hij een pand op een A-locatie heeft kunnen kopen.
Als we niet volledig van de markt willen verdwijnen, zullen we moeten veranderen!

Vraag daarbij is op welke manier veranderen? Ik ben het helemaal met Jan Klerk eens, die in Bibliotheekblad 19 van dit jaar (artikel "bibliothecaris 2.0 leert klanten zelf zoeken en vinden") het volgende over 23 Dingen zegt:
"Toch zijn er cursisten die na een enthousiaste start in de loop van het 23 Dingen traject zijn gestrand of zelfs helemaal zijn gestopt. Er zijn namelijk meer dan die 23 dingen nodig om een "nieuwe bibliothecaris" te worden."
Je zou daar onmiddellijk de conclusie aan kunnen verbinden: als die "nieuwe bibliothecarissen" niet komen, verandert er weinig in de bibliotheekwereld en worden we dus ook nooit producenten.

Een producent betekent letterlijk "maker", ga je het meer uitleggen naar de praktijk, dan is de betekenis: het leveren van diensten en producten. Als ik kijk naar de letterlijke betekenis, nee, dan voel me zelf absoluut geen maker, ik bedenk niets zelf, maar kijk ik naar de andere betekenis dan herken ik onze bibliotheek wel in de definitie. We leveren immers het product boek aan onze klant en denk aan al die mooie producten, zoals Biebwijz, die we aan het basisonderwijs gaan aanbieden!

Dus wat wordt er eigenlijk binnen deze discussie bedoeld met produceren. Het maken van een website, het zelf schrijven van een boek, het opnemen van filmpjes en die vervolgens uitlenen? Of bedoelen we met producten ook allerlei leesbevorderingsprojecten, waarmee we het product boek aan de klant proberen te "verkopen"? In het eerste geval is het duidelijk, overlaten aan bijvoorbeeld de website bouwer, die daarvoor is opgeleid. In het tweede geval zijn we al producenten.
Voor de rest van mijn verhaal, ga ik uit van nummer twee.

Als kleine bibliotheek werken we met bestaande producten, die we in een ander jasje proberen te gieten, afhankelijk van de vraag van onze klant. Een product als het spel- en boekenplan is ooit door een bibliotheek bedacht, wegens succes landelijk aangeboden en in onze gemeente doen alle scholen vol enthousiasme mee aan dit project.

We kunnen dus produceren, kijk maar eens naar producten als Zoek & Boek, Al@din en Schoolbieb! Prachtig!
Maar wel door een handjevol mensen bedacht, (de makers, dus producenten) en de rest van het land zorgt voor implementatie.
Er is beslist creativiteit onder bibliotheekmensen, alleen niet iedereen heeft de know how (ondanks de 23 Dingen), de vaardigheid en domweg gewoon de tijd niet om aan productontwikkeling te doen. Dat betekent natuurlijk niet dat kleine bibliotheken maar met de handen over elkaar moeten gaan zitten. De werkwoorden netwerken en samenwerken komen vervolgens om de hoek kijken. Net zoals tijdens de slotbijeenkomst van 23 Dingen waar gebrainstormd werd over Dingen waar je zelf al mee zou kunnen beginnen en andere Dingen, die provinciaal of zelfs landelijk opgepakt moeten worden.
Ons product het boek loopt niet meer goed, maar door onze bibliotheek in Enter in een ander jasje te gieten (het winkelconcept) hopen we onze bestaande leden te behouden of zelfs nieuwe leden binnen te krijgen. Zoiets kun je als kleine bibliotheek alleen doen, als je samenwerkt met anderen.
Ook het winkelconcept is het voorbeeld van een product (als je het zo kunt noemen), wat in Almere is bedacht en vanwege het succes nu in andere bibliotheken wordt toegepast.
Ook samenwerking met andere instellingen is nodig om aan productontwikkeling te kunnen doen. Zo won de bibliotheek Zwolle de Bibliotheek Innovatie Prijs voor hun product Biebsearch, waarbij wordt samengewerkt met de plaatselijke ROC's.

Wat ik eigenlijk zelf ervaar, is dat ik me geen producent voel, maar meer een soort doorgeefluik naar de klant toe. Onze scholen zullen ons niet als producent zien, maar als de bieb waar ze voor allerlei media, producten en diensten terecht kunnen.
Dat wij die producten niet zelf hebben gemaakt, zal hun een zorg zijn, als het product maar goed wordt omschreven, betaalbaar en goed uitvoerbaar is.
Ook de klant, die komt voor zijn detective, zal ons zien als de plek waar hij boeken haalt. Hij haalt een product uit ons assortiment, en verwacht echt niet dat wij die zelf maken.


Concluderend: de klant wordt steeds kritischer en is ook in staat zelf zijn informatie op te zoeken en te vinden. De bibliothecaris kan niet anders dan meegaan met die klant. Dus we geven onze bibliotheken een face lift om te kunnen concurreren met de boekhandel en bieden diensten aan als Zoek & Boek, zodat de klant vanuit zijn luie stoel aan zijn materiaal kan komen.
Omdat we ook binnen de bibliotheek met vergrijzing te maken hebben, is niet iedereen in staat nieuwe producten te ontwikkelen, die passen bij deze nieuwe kritische klant.
Niet iedereen, maar gelukkig (kijk maar naar een initiatief als Bibliotheek20.ning.com en het DOK in Delft) lopen er nog genoeg creatievelingen rond, die het wel kunnen. Mensen met een verfrissende blik, met digitale vaardigheden en die dit ook willen delen met collega's, die nog niet zo ver zijn.
Dus zolang we maar met elkaar kunnen delen, kunnen netwerken en samenwerken, zit het met die productontwikkeling wel goed. En daarbij zullen we ook met andere professionals moeten samenwerken!
Anders gezegd: ja, we blijven wel bij onze inhoud, maar zijn genoodzaakt leuke producten te ontwikkelen, producten die passen bij de klant van nu, om die inhoud bij de klant te krijgen.

En ik....ik breng mijn schoenen als ze stuk zijn, naar de schoenmaker!



Photo made by Rick under CC License.

donderdag 11 december 2008

Voorbereidingen tot "de bibliotheek als winkel", deel 5

Nog 1 dag en dan moeten we klaar zijn om maandag weer open te gaan voor het publiek.
En dat gaat lukken!
Op wat kleine onderdelen na, staat de collectie op zijn plek.

Vandaag zijn alle pc's weer opnieuw aangesloten, de zelfservice doet het en het grootste deel van de displaytafels is in elkaar gezet.
Ik stond er weer versteld van wat je als bibliothecaris moet kunnen. Samen met Rommie, mijn directeur, hebben we maar liefst vijf tafels in elkaar geknutseld.
We voelden ons buurvrouw en buurvrouw (we wonen ook niet zover van elkaar vandaan), maar gingen wel efficienter te werk dan onze klusvrienden buurman en buurman. Tja, samenwerking is niet voor iedereen weggelegd!

Ook de belettering is vandaag aangebracht en dat maakt het echt af.
Neem alvast een kijkje via onderstaande foto, maar let niet op de rommel! Er wordt per slot van rekening nog druk geklust.
Wordt vervolgd!

Van Update voorbereidingen Enter